Deleted scenes uit De joodse messias
Staand voor zijn koelkast, kijkend naar twee flessen halfvolle koffiemelk, peinsde hij geregeld over de merkwaardige loop van het geld. 'Niet ik,'" zei hij dan tegen zichzelf, 'doneer geld aan de Hamas, want ik heb helemaal geen geld, ik ben een tussenpersoon. Ik ben eigenlijk zelf een soort koelkast, mensen leggen iets in mij en halen dan weer iets anders uit me, en in de groentela blijft wat wisselgeld achter, ik houd de boel op temperatuur, dat is wat de dealer doet, meer eigenlijk niet, en daar houd ik wat zakgeld aan over. Is dat zo'n schande? Is dat iets om gebukt onder te gaan? Ik verzacht het leed van de mensen, en daarom ben ik het niet, het zijn mijn beste klanten die geld aan Hamas doneren, en mijn beste klanten zijn joden. Zo is het nu eenmaal, daar kan ik ook niets aan doen. De loop van het geld is onvoorspelbaar, het is een onstuimige rivier, het geld, eentje die vaak buiten zijn oevers treedt. Maar dat is mijn schuld niet, want ik ben maar een kleine tussenhandelaar. Ik laat me meedrijven met de rivier, maar ik ga niet tegen de stroom op, daarvoor ben ik te oud, daarvoor heb ik te veel meegemaakt, en daarvoor heb ik al te veel verloren, geld, vrouwen, shoarmazaken, compagnons, broers, mijzelf, ja eigenlijk heb ik mijzelf ook verloren.' Zo sprak de Egyptenaar tegen de koffiemelk, tegen zijn vrouw en zijn minnares vertelde hij niets, want vrouwen zijn niet te vertrouwen. Zodra ze zich in de steek gelaten voelen, vertellen ze alles, aan hun vriendinnen, aan de bakker, aan de politie, aan het leesclubje, aan de fitnessleraar, aan de schoonheidsspecialist. En vrouwen voelen zich om bijna alles in de steek gelaten, de vrouwen van de Egyptenaar in ieder geval wel. Als hij even naar het postkantoor ging om drie postzegels te kopen, konden zij zich al in de steek gelaten voelen. Daarom had hij zijn vrouw twee honden cadeau gegeven, opdat ze zich niet meer zo alleen zou voelen, en daarom ook sprak hij, als hij zich echt niet meer in kon houden, tegen zijn twee flessen koffiemelk. En als hij daarmee klaar was wist hij nog zekerder dan voor die tijd: geld discrimineert niet. Noch de Egyptenaar, noch de jood, noch de Hamasbeweging. Het geld houdt van iedereen. Wat Allah, Jezus, de Almachtige en hoe ze verder ook werden genoemd de mensen wel hadden beloofd maar nooit hadden gegeven gaf het geld: liefde.
'Ergens begint het geld, maar het houdt nergens op, het blijft stromen, het is onuitputtelijk' zei de Egyptenaar starend naar de zakjes M&M en sloot de koelkast weer.
Zijn slechte geweten in verband met de cocaïne bestreedt hij met zijn giften aan Hamas, zijn slechte geweten door zijn giften aan Hamas bestreedt hij door te filosoferen en hoe vaak hij ook filosofeerde, van hoeveel verschillende kanten hij de zaak ook bekeek, de conclusie luidde altijd: iedereen financiert zijn eigen ondergang.
Dan ging hij weer naar zijn zaak om wat falafelballetjes te frituren, want ondanks de cocaïne wilde hij het handwerk van het frituren niet verleren. Een man moet altijd een tweede beroep en een tweede vrouw achter de hand hebben, bij voorkeur ook een tweede paspoort. De Egyptenaar had een tweede vrouw, een tweede beroep en een tweede paspoort en toch was hij soms ongelukkig.

 
 

///////////////////////////////////

Muriels zus, die twee jaar jonger was, riep iets vanuit de gang. Maar Muriel antwoordde niet. Toen de zus de kamer probeerde binnen te dringen ging Muriel met haar volle gewicht tegen de deur staan.

 
 

///////////////////////////////////

Niet dat hij echt van plan was Jeruzalem te bevrijden of zelfs maar Jericho of Betlehem, de Palestijnse zaak kon hem niet zoveel schelen, de paar Palestijnen die hij persoonlijk kende vond hij een tikkeltje ordinair, maar zijn slechte geweten dat hem van tijd tot tijd kwam plagen en dat vaak gepaard ging met helse rugpijnen, dat was zeer zeker niet ordinair, dat was behoorlijk subtiel en wat nog veel belangrijker was, heel erg echt, vandaar zijn giften aan de Hamas.

 
 

///////////////////////////////////

...die een van de koelkasten achterin zijn zaak niet langer gebruikte om pita's en lamsvlees in op te slaan, maar zorgvuldig verpakte cocaïne. Het spul lag in kleine zakjes M&M op de bovenste plank achter twee flessen halfvolle koffiemelk. De Egyptenaar was een vriendelijke man met een vriendelijke filosofie: geld discrimineert niet. Omdat geld hem inderdaad nog nooit had gediscrimineerd hield hij er veel van, en omdat zijn liefde onstuimig was had hij zich genoodzaakt gezien enkele jaren geleden het lamsvlees in een van zijn koelkasten in te ruilen voor cocaïne. Niemand kan de roep van de liefde weerstaan, vooral niet als je zo gepassoneerd bent als de Egyptenaar.
Aangezien de politie niet geheel onkundig was van zijn bijverdiensten moest hij van tijd tot tijd zijn shoarmatent sluiten, maar na een paar maanden opende hij elders in de stad dan weer een nieuwe.

 
 

///////////////////////////////////

Ze had flink voor de spiegel geoefend en tenslotte kon ze lachen, ze kon altijd lachen, als ze in goede doen was lukte het haar zelfs om te glimlachen terwijl haar man haar aanrandde. Natuurlijk ook omdat ze hem begreep. Hij kon niet anders, zo was hij nu eenmaal, zo zat hij in elkaar.

 
 

///////////////////////////////////

Toen Xavier hem die ochtend door de telefoon had verteld dat die hem meer nodig had dan ooit was Awromele met kleren en al op zijn bed gaan zitten en had zijn rechterhand langdurig bestudeerd. Daarna had hij een sigaret gerookt, hoewel zijn moeder dat liever niet had.

 
 
 
© 2004, Uitgeverij Vassallucci
Webdesign: Xntriq.nl
Als voorbijgangers hem hadden zien lopen en als ze goed hadden gekeken, dan hadden ze het kunnen zien: daar ging hij, de vriend van de joden.

Apocalyptische en controversiële maar ook hilarische roman over een jongeman met messianistische aspiraties

 
 
 
 
 
 
 
 
· = update